Terugblik vanuit de Eerste Kamer op het debat over de asielwetten

Afgelopen week debatteerden we in de Eerste Kamer over de controversiële nieuwe asielwetten. Die wetten zijn nog een erfenis van kabinet Schoof en schieten in mijn ogen juridisch, praktisch en in menselijk opzicht enorm tekort. Ze maken gezinshereniging moeilijker en stellen mensen strafbaar omwille van wie zij zijn in plaats van wat zij doen. Maar er was ook een kleine doorbraak voor LHBTIQ+-personen die naar Nederland gevlucht zijn.

16 apr. 2026
Gaby Perin-Gopie

Vrijheid en gelijkheid als toetssteen in het asieldebat

Nederland is een land waarin vrijheid en gelijkheid centraal staan. Een land waar je kunt zijn wie je bent en kunt houden van wie je wilt. Juist daarom raakt het asieldebat aan de kern van wie wij willen zijn. Het gaat over mensen die hier naartoe komen omdat zij die vrijheid in hun eigen land niet hebben. Mensen die vluchten voor oorlog, geweld of vervolging. Met die overtuiging in gedachten ben ik het debat aangegaan over de drie asielwetten.

Mijn zorg bij de wet invoering tweestatusstelsel is dat die het onnodig ingewikkeld maakt voor gevluchte mensen om hun kinderen, partner of ouders naar Nederland te halen. Ook moet een deel van de gevluchte mensen straks meer dan twee jaar wachten op gezinshereniging. Ik heb mij in het debat in het bijzonder gefocust op de positie van LHBTIQ+-vluchtelingen. Voor hen pakt deze wet extra hard en ronduit discriminerend uit. In veel landen van herkomst kunnen zij immers niet trouwen, terwijl juist het huwelijk voortaan als harde voorwaarde wordt gesteld voor gezinshereniging. Ook stiefkinderen, pleegkinderen of jonge meerderjarigen komen minder snel in aanmerking voor hereniging. Daarmee ontneemt deze wet mensen feitelijk hun recht op gezinsleven. Ik vond het teleurstellend dat de minister de indirecte discriminatie die hier in zit in het debat niet wilde erkennen.

De Asielnoodmaatregelenwet en de strafbaarstelling voor illegaal verblijf gaan al helemaal voorbij aan iedere vorm van menselijkheid. Deze wetten maken mensen zonder verblijfsvergunning strafbaar enkel vanwege wie zij zijn en de omstandigheden waarin zij zich bevinden. Dat is onverenigbaar met het liberale mensbeeld waar ik voor sta. Bovendien brengt dit met zich mee dat mensen die statenloos of ongedocumenteerd zijn zich nog verder terug zullen trekken uit de samenleving. Daarmee nemen ook de risico’s op uitbuiting toe. Ook ligt op de loer dat fundamentele mensenrechten zullen worden geschonden, wanneer deze mensen geen gebruik meer durven te maken van gezondheidszorg, onderwijs voor hun kinderen of bescherming door de politie. Een menswaardig bestaan wordt hen daarmee onmogelijk gemaakt.

Voor een menselijk, Europees en uitvoerbaar asielbeleid

In de Eerste Kamer toetsen wij wetgeving op de wetskwaliteit, uitvoerbaarheid en handhaafbaarheid, maar wat mij betreft ook op (mede)menselijkheid. Voor mij staat vast dat de asielwetten op al deze punten met een dikke onvoldoende uit de toets komen. De wetten zijn inhoudelijk onwenselijk en niet in lijn met Europese regelgeving en de mensenrechten. Zulke wetten horen niet thuis in een gezonde rechtsstaat.

Volt staat voor een asielbeleid dat realistisch, menselijk en uitvoerbaar is. Dat betekent dat we willen inzetten op Europese samenwerking, solidariteit en harmonisatie, in plaats van op nationale uitzonderingen die het systeem complexer maken. We willen snelle en zorgvuldige procedures, zodat mensen snel duidelijkheid krijgen of ze mogen blijven of moeten terugkeren. Terugkeer moet effectief en humaan zijn, binnen de kaders van de rechtsstaat. Tegelijk moeten we investeren in goede opvang, kleinschalig en verspreid, zodat mensen niet vastlopen in overvolle centra en sneller kunnen meedoen in de samenleving. Uiteindelijk vraagt een duurzame oplossing ook om het aanpakken van de oorzaken van migratie, zoals conflict en ongelijkheid en om werken aan stabiliteit en vrede wereldwijd.

Een klein lichtpuntje.

In het debat was er ook een belangrijk lichtpunt. De minister heeft mij toegezegd dat identiteitsgroei wordt meegenomen in de nieuwe werkinstructie van de IND. Dat is een belangrijke mijlpaal in de verbetering van de asielprocedure voor LHBTIQ+-vluchtelingen. Het betekent namelijk dat er meer ruimte komt om te erkennen dat iemands queer identiteit zich kan ontwikkelen en pas later zichtbaar of benoembaar wordt, in plaats van dat dit meteen tot afwijzing van een gezinsherenigingsaanvraag leidt.

In veel landen is het gevaarlijk om open te zijn over je seksuele oriëntatie of genderidentiteit. Mensen leren daarom noodgedwongen om dat deel van zichzelf te verbergen. Pas wanneer zij in een veiligere omgeving zijn, durven zij stap voor stap te ontdekken en te uiten wie zij werkelijk zijn. Doordat de asielprocedure daar onvoldoende rekening mee houdt, leidt dat geregeld tot onterechte afwijzingen.

Door identiteitsgroei expliciet mee te nemen, wordt eindelijk recht gedaan aan de realiteit van LHBTIQ+-vluchtelingen. Dit maakt een eerlijkere en zorgvuldiger beoordeling mogelijk en voorkomt dat mensen ten onrechte bescherming wordt onthouden. Dat is een wezenlijke stap vooruit voor mensen die juist veiligheid zoeken. Mede dankzij de inzet van Queer Volt tijdens de voorbereiding op het debat is dit resultaat behaald.

Volgende week stemming

Vandaag, dinsdag 21 april, stemmen we over de wetten. We hebben om een hoofdelijke stemming gevraagd, dus iedere senator moet publiekelijk voor zijn of haar stem uitkomen. Het zal erom spannen.

Met vriendelijke groet,

Gaby Perin-Gopie