Laat geld lokaal werken - Europees denken, lokaal gedaan
Wat gebeurt er met geld dat in een project, een winkelcentrum bijvoorbeeld, wordt geïnvesteerd? De investering van zo’n nieuw gebouw wordt voornamelijk omgezet in winst voor bedrijven die daar in trekken. Bijvoorbeeld: de winst van Zara gaat uiteindelijk naar Spanje. Ook bij Albert Heijn gaat de winst op lange termijn naar Zaandam.
Dat geld had opnieuw in de regio geïnvesteerd kunnen worden in plaats van naar het buitenland of Amsterdam te stromen. Als een regio niet het vermogen heeft om dit soort investeringen vast te houden, worden goed bedoelde investeringen al snel geldverspilling. Dit gebeurt tegenwoordig steeds vaker in middelgrote steden zoals Voorburg en ook in buitenwijken van grote steden zoals Amsterdam Nieuw-West.
Geld vertrekt naar waar meer geld is.
Het gevolg is dat het publieke geld, dat wordt geïnvesteerd, winst oplevert voor een bedrijf. Maar vervolgens vloeit het weg in plaats van opnieuw geïnvesteerd te worden in de gemeenschap waar de oorspronkelijke investering voor bedoeld was. Daarom kijken wij nadrukkelijk naar modellen uit andere landen zoals het Schotse voorbeeld van ‘community wealth building.’
Het probleem zit in de manier waarop wordt geïnvesteerd. Publieke organisaties zoals gemeenten, zorginstellingen, woningbouwverenigingen en universiteiten geven jaarlijks enorme bedragen uit aan inkoop en aanbestedingen. Als deze bedragen standaard naar bedrijven gaan die geen lokaal belang hebben, stroomt dat geld direct de regio uit.
Dat betekent minder lokale werkgelegenheid, minder herinvestering in de gemeenschap en minder economische stabiliteit. Regio’s die al kwetsbaar zijn, raken zo verder achterop. Zonder bewuste strategie om geld lokaal vast te houden, hebben investeringen geen positief effect op de lange termijn.
Community wealth building biedt hier een oplossing voor. In Schotland wordt dit model al toegepast. Publieke instellingen zoals universiteiten, gemeenten en zorginstellingen kiezen ervoor projecten lokaal aan te besteden. Daardoor blijven banen, kennis en geld binnen de lokale gemeenschap.
In Amsterdam Nieuw-West wordt dit model ook toegepast. De gemeente, scholen, zorginstellingen en andere lokale organisaties werken samen om meer in te kopen in de buurt en zo lokale coöperaties op te bouwen. Deze samenwerking zorgt er ook voor dat inwoners meer betrokken raken bij initiatieven in hun eigen buurt. Dit versterkt de economie, de sociale samenhang en het gevoel van samenhorigheid in de buurt.
Volt Amsterdam wil dit systeem uitbreiden naar alle stadsdelen. Iedere euro die in de lokale economie wordt geïnvesteerd kan dan meerdere keren worden gebruikt om de buurt te verbeteren, zonder dat de regio afhankelijk wordt van steeds nieuwe investeringen.
Een perfect voorbeeld van Europees denken, onze contacten gebruiken, lokaal doen.