Een klimaatbestendig Utrecht
Een stad is een levend systeem. Ze heeft ademruimte nodig in de vorm van parken en bomen. Ze heeft een gezonde bloedsomloop van schoon water. En ze heeft duurzame energie nodig om te kunnen groeien en bloeien. Als dit levende systeem gezond is en goed werkt, is het voor iedereen fijner leven.
We zien en voelen elke dag dat dit systeem onder druk staat. De hittestress in de zomer, de wateroverlast na een hoosbui en de verstopping van ons elektriciteitsnet zijn geen losse problemen. Het zijn de symptomen van een stad die uit balans raakt, omdat we de grenzen van de natuur en de planeet te lang hebben genegeerd.
Onze overtuiging is dat we de uitdagingen van de 21e eeuw niet kunnen oplossen met de denkwijze van de 20e eeuw. Het vraagt om een integrale aanpak, waarin we de stad weer als één geheel gaan zien. Dat is een opgave die groter is dan Utrecht alleen, en waar we als Europese beweging ook in Den Haag en Brussel aan werken. Hier in Utrecht betekent het dat we investeren in de veerkracht van de stad zelf. Door de natuur als onze belangrijkste bondgenoot te zien en door de regie te nemen over onze eigen, schone energievoorziening.
Zo bouwen we aan een stad die tegen een stootje kan. Een stad die niet alleen welvarend is, maar ook gezond en in balans. Een levende stad, klaar voor de generaties die na ons komen.
Groene basis op orde
Natuur in de stad is enorm belangrijk. De verkoeling van een park op een hete zomerdag, het geluid van vogels in de ochtend, een wandeling langs de singel. Toch staat die natuur, net als overal in het land, onder zware druk. Voor ons is een gezonde, biodiverse natuur geen luxe, maar het fundament van een leefbare stad. Het is de basis voor onze gezondheid, voor een klimaatbestendige toekomst en voor het welzijn van de dieren met wie we de stad delen. In Utrecht maken we daarom ruimte voor de natuur als volwaardig onderdeel van ons stedelijk leven.
We houden ons aan de Europese Natuurherstelwet. Dit betekent dat de hoeveelheid groen in Utrecht tot 2030 niet minder mag worden ten opzichte van 2024. We gaan zelfs nog een stapje verder en willen de hoeveelheid groen per inwoner weer terugbrengen tot het niveau van 2019.
Bij elke ontwikkeling, groot of klein, is de natuur het startpunt. We stoppen met het inpassen van groen achteraf. In plaats daarvan zijn water, bodem en biodiversiteit leidend bij elk bouwplan. Dit betekent dat groene daken en gevels, waterdoorlatende tegels en nestkasten voor vogels en vleermuizen een standaard onderdeel van het ontwerp worden.
We maken van onze straten en pleinen groene longen voor de buurt. We verweven de natuur met het stadse leven door straten, maar ook schoolpleinen en speelplaatsen, grootschalig te vergroenen. Zo creëren we overal in de stad plekken die niet alleen prettig zijn om te verblijven, maar die ook zorgen voor verkoeling, schone lucht en een natuurlijke afvoer van regenwater. Daarbij zorgen we ervoor dat deze plekken voor iedereen toegankelijk zijn.
We herstellen verbindingen in de natuur, zodat een robuust ecosysteem ontstaat. Planten en dieren hebben ruimte nodig om zich te verplaatsen en verspreiden. Daarom leggen we ecologische verbindingszones aan tussen parken, polders en natuurgebieden. Met een slimme mix van bomen, struiken en planten die hier van nature thuishoren, versterken we de lokale biodiversiteit en bouwen we aan een veerkrachtig stedelijk ecosysteem.
Het welzijn van dieren is een integraal onderdeel van ons beleid. We delen de stad met talloze dieren. Bij de inrichting van de openbare ruimte en het maken van beleid wegen we hun belangen zorgvuldig mee. Ons doel is een stad waarin mens en dier op een respectvolle en duurzame manier kunnen samenleven.
We maken van Utrecht een ‘Nationaal Parkstad’, samen met alle Utrechters. Wij hanteren het principe ‘groen, tenzij’. Maar de gemeente kan het niet alleen. We geven buurten daarom ‘groene buurtrechten’ en moedigen bewoners actief aan om zelf hun omgeving te vergroenen, bijvoorbeeld met geveltuinen, minibosjes of buurtmoestuinen. De gemeente ondersteunt hierbij proactief met kennis, materialen en financiële middelen.
We beheren ons groen op een manier die de natuur versterkt. Dit betekent bijvoorbeeld dat we minder en op slimme momenten maaien, zodat wilde bloemen kunnen bloeien en insecten voedsel vinden. Dood hout en bladeren laten we waar mogelijk liggen, omdat ze een onmisbare schuilplaats en voedingsbron zijn voor egels, vogels en talloze andere dieren.
Klaar voor het klimaat van morgen
De afgelopen zomers hebben we het allemaal gevoeld: de hitte die in de stad blijft hangen, lange periodes van droogte en dan een extreme regenbui. Klimaatverandering is geen abstract toekomstbeeld meer, het is de realiteit waar we nu mee moeten omgaan. Wij zien deze enorme uitdaging tegelijk als een kans. Een kans om onze stad niet alleen veiliger, maar ook gezonder, groener en prettiger te maken. Dit is een opgave die we met de hele stad moeten aanpakken. Daarom werken we nauw samen met de kennis van onze universiteiten, hogescholen en mbo's, met de innovatiekracht van bedrijven en investeren we in voorlichting op scholen. Zo maken we Utrecht samen klaar voor de toekomst.
We vangen regenwater op in de natuur, en houden het op een natuurlijke manier vast. Zo zorgen we dat de straat niet blank staat en dat de grond niet uitdroogt. Dit doen we door de stad op belangrijke plekken te ‘ontharden’. We leggen bijvoorbeeld pleinen en speeltuinen zo aan dat ze bij zware regen tijdelijk in waterbergingen veranderen en we stimuleren het gebruik van regentonnen en ondergrondse wateropslag.
We brengen de schaduw terug in de straat met extra bomen en groen. Bomen zijn de natuurlijke airconditioners van de stad. Ze bieden verkoeling en maken een buurt aangenamer. Op de heetste momenten van de dag moet 30% van de openbare ruimte in de schaduw liggen, en voor belangrijke fiets- en wandelroutes zelfs 40%. Hierbij is de 3-30-300 norm het minimum, maar zetten we in op meer waar mogelijk. De 3-3-300 norm stelt dat iedereen vanuit huis minimaal 3 bomen zou moeten kunnen zien, minimaal 30% van de wijk moet bestaan uit een bladerdek, en iedereen binnen 300 meter een park of andere groene ruimte moet kunnen bezoeken. Waar bomen niet kunnen, zorgen we voor verkoeling met bijvoorbeeld groenslingers of schaduwdoeken.
Groen is de standaard, steen de uitzondering. Te veel steen houdt hitte vast en laat geen water door. Daarom hanteren we bij elke herinrichting het principe ‘groen, tenzij’. We passen alleen verharding toe waar het nodig is, de rest vergroenen we met gras, bloemen, struiken of bomen. Stenige pleinen en onnodig brede stoepen maken we weer groen. En in woonwijken realiseren we, naar Antwerps voorbeeld, ‘tuinstraten’. Daarmee geven we voorrang aan groen, leefbaarheid, ontmoeting en spelen.
We beschermen de volwassen bomen die onze stad karakter geven. Bestaande, grote bomen zijn van onschatbare waarde voor de leefbaarheid en de biodiversiteit. Daarom scherpen we de regels voor de kap van bomen verder aan.
We gebruiken lichte en koele materialen in de openbare ruimte. De kleur van de materialen in de stad heeft een groot effect op de temperatuur. Donker asfalt en donkere stenen absorberen hitte. Wij kiezen daarom bij onderhoud en herinrichting bewust voor lichtere materialen die de warmte reflecteren en zo de stad koeler houden. Wanneer mogelijk zetten we in op halfverharding.
Alle nieuwbouw is voorbereid op het klimaat van de toekomst. De huizen en kantoren die we nu bouwen, staan er over honderd jaar nog. Daarom is klimaatadaptief bouwen de nieuwe standaard. Dat betekent dat gebouwen niet alleen goed moeten kunnen opwarmen, maar ook kunnen afkoelen. Groene daken en gevels worden de norm en bij het ontwerp van straten en hoogbouw houden we rekening met de wind, zodat die voor natuurlijke verkoeling kan zorgen.
We zorgen voor schoon en veilig zwemwater op meer plekken in de stad. Op een hete dag is er niets fijner dan een verkoelende duik. We investeren in het verbeteren van de waterkwaliteit, zodat er meer officiële en veilige zwemplekken in de open lucht bijkomen, zoals bij de Werkspoorkathedraal en de plas bij Vechten.
Water uit de kraan, nu en in de toekomst
Schoon water komt uit de kraan. Het is zo fundamenteel dat we er nauwelijks bij stilstaan. Maar die vanzelfsprekendheid staat onder druk. Door aanhoudende droogte, een groeiende bevolking en vervuiling van onze bronnen dreigt er voor de provincie Utrecht vanaf 2030 een drinkwatertekort. Dit is een directe bedreiging voor de bouw van nieuwe woningen. Dit vraagt om meer dan een paar aanpassingen. Het vraagt om een fundamentele omslag in de manier waarop we met water omgaan. We moeten van een lineair systeem van gebruiken en weggooien naar een slimme, circulaire waterkringloop.
We bouwen aan een circulair watersysteem waarin we geen druppel verspillen. Het is toch eigenlijk te gek voor woorden dat we onze wc doorspoelen met perfect drinkwater? We zetten daarom in op een systeem dat de juiste waterkwaliteit voor de juiste toepassing gebruikt. Bij nieuwbouw en grootschalige renovaties wordt het opvangen en gebruiken van regenwater de norm. Met proefprojecten, geïnspireerd op initiatieven als Water Circulair Nieuwegein, omarmen we innovaties zoals het hergebruik van douchewater en slimme toiletten.
We houden de bronnen van ons drinkwater schoon en veilig. Schoon water begint bij een schone bron. Om te zorgen dat jij ook in de toekomst verzekerd bent van gezond drinkwater, investeren we in de kwaliteit van ons grond- en rivierwater. Dat betekent dat we vervuiling actiever tegengaan en strenger toezien op bedrijven die afvalstoffen lozen.
We gebruiken de stad als een spons om regenwater vast te houden en te zuiveren. Stel je voor dat de stad bij een hoosbui het water niet snel afvoert naar het riool, maar juist rustig opzuigt. Door te zorgen voor meer groen en waterdoorlatende pleinen en straten, kan de bodem het water op een natuurlijke manier opnemen. Zo voorkomen we wateroverlast, zuiveren we het regenwater en bouwen we een reserve op voor droge periodes. Hier hebben we al ervaring mee in Leidsche Rijn en dit breiden we uit naar andere delen in de stad.
We halen energie en grondstoffen uit ons afvalwater. Voor ons is afvalwater geen eindproduct, maar het begin van iets nieuws. Het zit vol met energie en waardevolle grondstoffen. We stimuleren daarom slimme technieken waarmee we uit rioolwater bijvoorbeeld biogas kunnen winnen. Zo wordt de waterzuivering een energiebron voor de stad.
Deze omslag maken we samen met bedrijven en bewoners. Deze verandering is te groot voor de gemeente alleen. Het vraagt om een hechte samenwerking met onder andere drinkwaterbedrijf Vitens, de provincie en de waterschappen. Maar ook de bijdrage van bedrijven en bewoners is heel belangrijk. Daarom versterken we de samenwerking met bedrijven(terreinen) en helpen we inwoners met heldere voorlichting en subsidies om bijvoorbeeld een regenton te plaatsen of het gewone toilet te vervangen door een vacuümtoilet.
Een nieuwe kijk op energie
De noodzaak om over te stappen op schone energie voelen we allemaal. Maar tegelijkertijd lopen we tegen de grenzen van het oude systeem aan: het stroomnet zit vol, we zijn afhankelijk van dubieuze regimes en je energierekening wordt steeds hoger. Zonneparken en windmolens bouwen is niet de oplossing zolang we die stroom niet kwijt kunnen. Het is tijd voor een frisse, slimmere aanpak. We bouwen aan robuuste, decentrale energiesystemen die het centrale stroomnet ontlasten en beter zijn voorbereid op uitval en bedreigingen van buitenaf. Dit doen we met een netwerk van slimme, lokale energiesystemen waarbij Utrechters niet alleen energie verbruiken, maar ook zelf opwekken, mede-eigenaar zijn en meedelen in de opbrengst. Zo maken we de energietransitie eerlijk en toekomstbestendig.
Elke wijk krijgt een eigen slim energieplan, het liefst in handen van de bewoners zelf. In plaats van één overbelast centraal netwerk, werken we toe naar een systeem van slimme wijkenergiesystemen. Hierin worden de lokale opwek, opslag en het verbruik van stroom én warmte slim op elkaar afgestemd. In lijn met Europese regelgeving helpen we je en je buren om dit via een ‘hernieuwbare energiegemeenschap’ zelf op te zetten, met juridische, technische en financiële steun. Zo landen niet alleen de lasten, maar ook de lusten in de wijk zelf. We zorgen voor professionele begeleiding voor alle wijken om te garanderen dat iedereen mee kan doen en de lusten en lasten daadwerkelijk eerlijk worden verdeeld. We garanderen dat ook huurders kunnen profiteren van de slimme energie systemen.
We pakken de verstopping van het stroomnet met een crisisaanpak aan. De netcongestie is nu het grootste obstakel voor de energietransitie en de bouw van nieuwe woningen. We zetten alles op alles om de netbeheerders te helpen het net zo snel mogelijk te verzwaren; woningen en eerstelijns voorzieningen zoals bijvoorbeeld ziekenhuizen krijgen voorrang. Tegelijkertijd leveren de slimme wijkenergiesystemen een belangrijke bijdrage door vraag en aanbod lokaal te balanceren, waardoor het hoofdnet wordt ontlast.
We wekken meer duurzame energie op met zon en wind, afgestemd op wat de wijk nodig heeft. Natuurlijk blijven we inzetten op meer zonnepanelen en windturbines. Maar we doen dit slim. We stimuleren nieuwe zonnepanelen vooral als ze passen in een lokaal wijkenergieplan, waarin de opgewekte stroom ook lokaal gebruikt of opgeslagen kan worden. Zo voorkomen we dat we het stroomnet verder overbelasten.
De goedkoopste energie is de energie die je niet gebruikt: we zetten vol in op isolatie. Voordat we investeren in complexe nieuwe energiebronnen, zorgen we dat we zo min mogelijk energie verspillen. We starten een grootschalig isolatieoffensief, met een buurtgerichte aanpak en in nauwe samenwerking met de woningcorporaties. Zo maken we je huis comfortabeler en je energierekening lager.
We nemen de regie over de warmtetransitie, met publieke warmtenetten. Een warmtenet is net zo'n essentiële voorziening als een waterleiding. Wij vinden dat dit niet in handen van commerciële partijen hoort die winstmaximalisatie als hoofddoel hebben. We houden nieuwe warmtenetten daarom in publieke handen. Zo garanderen we eerlijke prijzen, transparante keuzes en krijgen jij en je buren meer zeggenschap over de overstap van gas naar duurzame warmte.
We bereiden Utrecht voor op een toekomst met groene waterstof. Hoewel waterstof nu nog geen oplossing is voor het verwarmen van je huis, wordt het in de toekomst wel belangrijk voor bijvoorbeeld de industrie en zwaar transport. We haken daarom actief aan bij nationale en Europese initiatieven en creëren ruimte voor de benodigde infrastructuur en pilots. Zo zorgen we dat Utrecht klaar is voor de volgende stap in de energietransitie.
We werken nauwer samen met onze belangrijke partners in de regio. Voor de transitie naar een duurzaam energiesysteem zijn we afhankelijk van partijen als Stedin. Daardoor is er veel vraag naar hetzelfde. Om de transitie efficiënter te maken zetten we in op regionale aanbestedingen en maken we met Stedin een gezamenlijke planning.