Wat wij als parlementariërs kunnen doen nu de NAVO onder druk staat

Binnen de commissie buitenland en defensie van de Eerste Kamer heb ik aandacht gevraagd voor de rol die Nederland kan spelen binnen de NAVO. Wat mij betreft mag onze parlementaire delegatie een nog actievere stem laten horen over het belang van de NAVO en over hoe het belang van goede trans-Atlantische samenwerking.

6 feb. 2026
Eerste Kamer / Robin Utrecht

Wat is het probleem met de NAVO?

De NAVO staat onder druk omdat het vertrouwen in de Verenigde Staten als onvoorwaardelijke bondgenoot afneemt. Die onzekerheid wordt versterkt door de verslechterende samenwerking tussen de VS en Europa op het gebied van handel en economie. De claim van de regering-Trump op Groenland ging voor mij een duidelijke grens over. Op dat moment werden NAVO-lidstaten gedwongen zich openlijk te verhouden tot hun belangrijkste bondgenoot. Dat laat zien hoe fragiel het bondgenootschap is geworden. Het stormt binnen de NAVO. Er bestaan twijfels over de echte commitering van met name de Verenigde Staten van Amerika aan de collectieve verdediging. We kunnen niet ontkennen dat er tussen de VSA steeds minder samenwerking bestaat op het gebied van handel en economie. Met de claim van de regering Trump op Groenland werd een grens overschreden en voelden NAVO lidstaten zich geroepen zich te positioneren tegen de belangrijkste NAVO speler.

Wat gaat de NAVO Parlementaire Assemblee nu doen?

In de verschillende talkshows zag ik verschillende parlementsleden zich uitspreken over wat er speelde.Steeds weer klonk de oproep dat anderen in actie moesten komen: de EU moest iets doen, de regering moest zich positioneren. Dat bracht mij bij de vraag wat wij als Kamerleden zelf konden doen. Een aantal van mijn collega’s in de Eerste- en Tweede Kamer is lid van de Parlementaire Assemblee van de NAVO. In deze assemblee spreken volksvertegenwoordigers uit alle NAVO-lidstaten met elkaar over veiligheid, defensie en de politieke koers van het bondgenootschap. Juist omdat ook Amerikaanse senatoren en afgevaardigden hier aan tafel zitten, leek mij dit het juiste forum om iets positiefs bij te dragen aan de discussie.

Ik was dan ook blij om te zien dat de Nederlandse delegatie, onder leiding van Jesse Klaver, op 3 februari heeft opgepakt. Vanuit Volt kijken we nu nadrukkelijk of we tijdens de eerstvolgende zitting van de Assemblee kunnen werken aan een resolutie kunnen aannemen die scherper benoemt wat er speelt en regeringen aanmoedigt om weer normaal samen te werken. Een vergelijkbare stap is bijvoorbeeld eerder gezet binnen de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa. Juist nu wil Volt dit ook in NAVO-verband, waar ook Amerikaanse senatoren en afgevaardigden aan tafel zitten, biedt zo’n resolutie de mogelijkheid om het gesprek echt aan te gaan.

Wat zou er dan in zo’n resolutie moeten staan?

Volt heeft helaas geen directe vertegenwoordiger in de Parlementaire Assemblee. Via mijn collega’s wil ik wel proberen om een duidelijk en positief geluid te laten horen. Ik ben ervan overtuigd dat veel Amerikaanse senatoren en afgevaardigden, ook aan republikeinse zijde, het belang onderschrijven van een sterke NAVO.

Wat mij betreft moet in zo’n resolutie expliciet worden bevestigd dat de NAVO decennialang heeft bijgedragen aan (relatieve) vrede en stabiliteit in Europa. Militairen uit verschillende NAVO-landen hebben zij aan zij in de frontlinie gestaan en daarbij grote offers gebracht. Het idee dat NAVO-landen elkaar militair zouden beconcurreren of ondermijnen, is voor mij ondenkbaar en onwenselijk.

Met deze inzet laat Volt zien dat wij staan voor vrede en veiligheid. Polarisatie helpt niemand. Alleen door samenwerking en wederzijds vertrouwen kunnen we het bondgenootschap versterken.

Europese samenwerking binnen de NAVO

Mijn voorstel tot overleg past prima binnen het Volt initiatief voor een Europese NAVO. Met een sterke Europese defensie en uiteindelijk een EU leger wil Volt het trans-Atlantisch bondgenootschap versterken. Ik ben ervan overtuigd dat wij als parlementariërs daar een positieve bijdrage aan kunnen leveren.