Studentenhuisvesting: tijd voor een andere aanpak

De cijfers liegen er niet om: 51% van de studenten kampt met psychische klachten, 23% voelt zich regelmatig eenzaam. Tegelijkertijd subsidieert de overheid massaal de bouw van studio's via de huurtoeslag – woonvormen waarin studenten juist het meest geïsoleerd raken. Het is een kafkaëske situatie die dringend om een oplossing vraagt.

25 feb. 2026

De paradox van ons huidige systeem

Laten we eerlijk zijn: ons huidige systeem werkt averechts. Studenten in een zelfstandige studio kunnen huurtoeslag aanvragen, studenten op een kamer meestal niet. Het gevolg? Projectontwikkelaars bouwen liever studio's, want die zijn financieel aantrekkelijk door de indirecte subsidie. Voor studenten wordt een luxe studio daardoor vaak nauwelijks duurder dan een kamer.

Maar hier zit het probleem: uit onderzoek blijkt keer op keer dat studenten op kamers met huisgenoten gelukkiger zijn. Ongeveer 75% heeft een goede band met hun huisgenoten, tegenover slechts 42% van de studiobewoners met hun buren. We subsidiëren dus feitelijk eenzaamheid, terwijl samenwonen juist beschermt tegen stress en prestatiedruk.

Integraal denken loont

Bij Volt geloven we in een integrale aanpak. Wonen is meer dan een dak boven je hoofd – het bepaalt mee hoe je je ontwikkelt, hoe je studeert en hoe je je voelt. Als we kijken naar de échte kosten van ons systeem, dan zien we een schrijnend beeld.

Een studentenstudio kost de staat over 50 jaar tussen de € 159.000 en € 290.000 aan huurtoeslag. Tegelijkertijd betalen we straks de prijs in GGZ-kosten, omdat eenzame studenten vaker psychische klachten ontwikkelen. En dan hebben we het nog niet eens over de maatschappelijke gevolgen van een generatie jongeren die op jonge leeftijd in isolement wordt geplaatst.

Creatieve oplossingen voor een complex probleem

De oplossing ligt niet in meer van hetzelfde. We moeten durven denken in nieuwe woonvormen en slimme financiering.

Objectsubsidie in plaats van huurtoeslag: een eenmalige subsidie van € 32.000 tot € 60.000 per kamer aan de bouwer maakt de businesscase van kamers met gedeelde voorzieningen weer rond. Dat scheelt de samenleving per woning tienduizenden euro's vergeleken met decennia huurtoeslag uitkeren.

Clusterwoningen: compacte units van drie of vier kamers met eigen sanitair maar een gezamenlijke woonkeuken. Dit biedt privacy waar nodig, maar creëert sociaal contact waar het ertoe doet: bij het koken en eten.

Beter benutten van bestaande woningen: hospitaverhuur stimuleren vermindert eenzaamheid én creëert snel extra aanbod zonder nieuwbouw.

Soberder bouwen: studentenhuisvesting mag best wat bescheidener. Niet iedereen heeft direct een eigen keuken nodig. Door voorzieningen te delen kan er op dezelfde oppervlakte meer gehuisvest worden – duurzamer én betaalbaarder.

De rol van gemeenten

Gemeenten zijn geen toeschouwers in dit dossier. Zij bepalen via bestemmingsplannen en anterieure overeenkomsten waar en hoe er gebouwd wordt. Ze kunnen eisen dat een bepaald percentage nieuwbouw uit onzelfstandige kamers bestaat. Via nationale regelingen zoals de Regeling Huisvesting Aandachtsgroepen en Europese fondsen kunnen ze financiering aanboren voor betaalbare projecten.

In Groningen hebben we met de gemeente, RUG en Hanze de plicht om voorop te lopen. Het Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting vraagt om 60.000 extra woningen tot 2030. Laten we ervoor zorgen dat dit geen 60.000 eenzame studio's worden, maar woonvormen die écht bijdragen aan studentenwelzijn.

Tijd voor actie

De huidige situatie vraagt om politieke moed. Moed om het huisvestingsvraagstuk niet los te zien van studentenwelzijn. Moed om creatief te denken over financiering en bouwvormen. En moed om te kiezen voor wat werkt, niet wat makkelijk is.

Volt staat voor een leefbare studentenhuisvesting waarin verbinding centraal staat. Waar studenten niet alleen een kamer vinden, maar een thuis. Waar de overheid investeert in floreren in plaats van eenzaamheid te subsidiëren. Waar gemeenten, onderwijsinstellingen en corporaties samenwerken aan oplossingen die écht werken.

Er is dringend een andere aanpak nodig. Een waarin we in samenhang denken, creatief oplossen, en het welzijn van studenten vooropstellen. Want goed wonen doet iets met je – en dat verdient elke student.

Als kandidaat gemeenteraadslid kan ik niet wachten hiervoor mijn handen uit de mouwen te steken. Heb je ideeën of wil je meedoen, neem dan contact met me op.