Groener Groningen bouwt aan een circulaire toekomst, van onderop
Bedrijfsbezoek namens Volt Groningen waarbij kandidaat Stefan van der Borgh in gesprek ging met bestuurslid en voorzitter van Groener Groningen, Ferrick van der Dongen. Groener Groningen is een organisatie voor de burgers van Groningen en spreekt zich expliciet uit geen politieke kleur te hebben.
Een jonge beweging die snel groeit
In De Pijp, het creatieve bedrijfsverzamelgebouw waar Groener Groningen huist, sprak ik met Ferrick van Dongen over de ontwikkeling van stichting Groener Groningen. Wat begon met enkele mensen die “gewoon duurzamer wilden leven” is in een paar jaar tijd uitgegroeid tot een beweging die in de hele stad zichtbaar is. De groei ging zo snel dat het team zichzelf soms moest bijbenen. Groener Groningen startte als vrijwilligersinitiatief, maar de vraag uit de stad en vanuit partners nam zo toe dat er inmiddels sprake is van een sociaal ondernemende stichting, met ruim twintig actieve vrijwilligers.
Ferrick schetste hoe die groei eruitzag. De eerste Kleer’nzooi trok al wataandacht, maar toen de editie in de Martini Kerk duizenden bezoekers trok, werd duidelijk dat het initiatief veel groter kon worden dan de club vrijwilligers waarop het gebouwd was. Dezelfde beweging zag je bij de ontwikkeling van PlatteGrunn: een idee dat begon als een kaart voor de wijk groeide uit tot een stadsbreed overzicht van circulaire plekken. Volgens Ferrick was dat niet zozeer een strategisch plan, maar “iets dat steeds verder groeide omdat mensen het nodig bleken te hebben”.
Duurzaamheid dicht bij huis, en juist dat werkt
Wat me tijdens het gesprek opviel, is hoe sterk Groener Groningen aansluit bij de maatschappelijke doelen die ik vertegenwoordig. Zij laten zien dat duurzaam gedrag niet draait om grote gebaren, maar om kleine stappen die je in je eigen omgeving zet. In het gesprek kwam regelmatig terug hoe belangrijk het is dat bewoners zelf het gevoel hebben dat ze mee kunnen doen. Dat je duurzaam kán zijn zonder dat het ingewikkeld wordt, zonder dat het extra kost, zonder dat je precies weet waar je moet beginnen.
Kleer’nzooi is daar een perfect voorbeeld van: een evenement dat duurzaamheid toegankelijk maakt voor mensen die anders misschien niet snel met circulaire kleding bezig zijn. PlatteGrunn doet hetzelfde, maar dan op dagelijkse schaal. De kaart laat bewoners zien waar ze terecht kunnen om te repareren, te lenen, te ruilen of duurzame keuzes te maken zonder dat daarvoor een hoogdrempelige kennis nodig is.
Ferrick verwoordde het treffend: “Als je wilt dat mensen duurzamer leven, moet je het ze makkelijk maken. En dat begint vaak gewoon in hun eigen wijk.”
Waar de beweging tegen grenzen aanloopt
Hoewel Groener Groningen veel bereikt, is het geen romantisch verhaal zonder hobbels. In het gesprek werd duidelijk hoe lastig het voor de stichting is om alles draaiend te houden op vrijwillige basis. Het enthousiasme is groot, maar de hoeveelheid werk nog groter. De organisatie heeft ervaren dat vrijwillige inzet niet altijd samengaat met de schaal waarop zij inmiddels opereren.
Met name de continuïteit bleek een uitdaging. Communities werden opgezet met de gedachte dat bewoners die na verloop van tijd zelf zouden dragen. In de praktijk blijkt dat die begeleiding voor nu nog nodig is maar dit uiteindelijk wel uit de bewoners zelf hopen te halen, wanneer de maatschappij hier verder in ontwikkeld is. Mensen willen meedoen, maar niet altijd organiseren. Zonder structuur valt zo’n initiatief snel stil. De stichting merkte ook dat contact met wijkcentra soms moeizaam verloopt, simpelweg omdat iedereen veel doet en weinig tijd heeft. Daardoor kan waardevolle samenwerking blijven liggen.
Ferrick benoemde dit eerlijk: “Er worden prachtige wijkinitiatieven ontwikkeld door bewoners zelf, maar is er vaak helaas niet de kracht en tijd om dit verder te onplooien. Daar kunnen wij dat verder ondersteunen om bewoners verder te helpen maken van duurzame keuzes.”
Waarom sociaal ondernemerschap nodig werd
Groener Groningen staat nu op het punt waarop professionalisering onvermijdelijk is. De keuze om opdrachten voor externe partijen te doen – onder andere voor de gemeente – is niet geboren uit winstmotief, maar uit de wens en het benutten van de kans om te kunnen investeren in het ontwikkelen van nieuwe concepten en daarmee Groningen nog verder te helpen dan al gedaan wordt. Zonder die inzet kun je geen grote evenementen draaien, geen campagnes bouwen en geen communities begeleiden. De stichting wil inhoudelijk blijven groeien, maar dat kan alleen als er een stevige organisatorische basis ligt.
Ferrick vertelde hoe het team werkt aan een nieuwe structuur, waarin vrijwilligers en professionals naast elkaar bestaan. Vrijwilligers blijven het hart van de stichting, maar niet langer de enige motor. Projectmanagers, vrijwilligers, communicatiespecialisten en uitvoerders kunnen opdrachten uitvoeren, terwijl de stichting met de opbrengsten nieuwe ideeën wilt ontwikkelt.
“We willen blijven doen wat we doen, maar dan op een manier die we vol kunnen houden,” zei Ferrick. En precies dat is nodig om duurzame verandering in de stad stabiel en eerlijk te organiseren.
De plannen voor de toekomst: verbreden, verdiepen, verbinden
De toekomstplannen die Ferrick beschreef, komen logisch voort uit wat nu al gebeurt. De kledingcommunity wordt verder uitgebouwd, en moet uiteindelijk een blauwdruk worden voor andere thema’s. Niet alleen kleding, maar ook voeding, bouwmaterialen en alledaagse consumptie kunnen volgens dezelfde werkwijze worden aangepakt: creatief, wijkgericht en laagdrempelig.
PlatteGrunn blijft verder groeien als gids voor circulaire keuzes in de stad. Kleer’nzooi blijft een icoon, maar hoeft niet altijd door Groener Groningen zelf te worden gedragen; als partners het concept overnemen, wordt het effect alleen maar groter. Zo ontstaat ruimte om nieuwe campagnes te ontwikkelen en andere communities op te zetten.
Wat bij alles terugkomt, is dat Groener Groningen samenwerking wil versterken. Niet door de rol van wijkcentra of bestaande initiatieven over te nemen, maar door aan te sluiten en zichtbaar te maken wat er al gebeurt. In het gesprek werd duidelijk dat de stichting structureel samen wil werken met de gemeente, juist om bewoners beter te betrekken en om te zorgen dat hun ervaringen ook echt doorwerken in beleid.
Het maatschappelijke belang: duurzaamheid als sociaal bindmiddel
Uit het gesprek bleek hoe sterk het werk van Groener Groningen raakt aan bredere maatschappelijke waarden. Duurzaamheid gaat hier niet alleen over milieu of grondstoffen, maar ook over mensen. Door met bewoners in gesprek te gaan op pop‑ups in de wijk, door communities op te bouwen en door circulaire initiatieven zichtbaar te maken, ontstaat sociale samenhang. Mensen voelen zich betrokken bij hun leefomgeving, ontmoeten elkaar en ervaren dat zij onderdeel zijn van een beweging die groter is dan henzelf.
Het is precies dit snijvlak – tussen duurzaamheid, sociale cohesie en dagelijks gedrag – dat aansluit bij de maatschappelijke doelen die ik vanuit Volt vertegenwoordig. Groener Groningen laat zien hoe je een circulaire economie inzet als motor voor sociale impact. Hoe je van afval waarde maakt. Hoe je bewoners eigenaarschap geeft. Hoe je een stad toekomstbestendig maakt door iedereen mee te nemen, ongeacht inkomen of kennisniveau.
Waar de waarden van Volt en het werk van Groener Groningen elkaar raken
De verhalen en voorbeelden van Groener Groningen laten zien hoeveel er mogelijk wordt wanneer je bewoners de ruimte en ondersteuning biedt om hun eigen omgeving vorm te geven. Voor Volt is dit verhaal vooral een bevestiging van de waarden waar wij voor staan. Duurzame gedragsverandering begint bij mensen thuis: in hun wijk, in hun straat, op plekken waar het dagelijks leven zich afspeelt. Daarom moeten we investeren in initiatieven die verduurzaming concreet en toegankelijk maken, zodat iedereen mee kan doen – ongeacht inkomen, kennis of achtergrond.
Daarnaast laat de circulaire aanpak van Groener Groningen zien dat afval niet het einde van een product hoeft te zijn, maar het begin van iets nieuws. Door hergebruik, reparatie en lokale samenwerking te stimuleren, bouwen we aan een circulaire economie die niet alleen beter is voor het milieu, maar ook sociale impact creëert en nieuwe kansen biedt voor bewoners. Dat is precies de richting waar het Volt dat de stad zich ontwikkelt.
En juist omdat deze beweging van onderop ontstaat, is het belangrijk dat bewoners ook invloed krijgen op de keuzes die hun leefomgeving bepalen. Wijkbudgetten kunnen inwoners de middelen geven om eigen ideeën te realiseren. Wijkburgerberaden kunnen helpen om de kennis en creativiteit die in Groningse buurten aanwezig is een duidelijke plek te geven in besluitvorming. Groener Groningen laat dagelijks zien hoeveel waarde er schuilt in die lokale ervaring. Het is aan ons om die waarde ook structureel te benutten.
Voor Volt onderstreept dit verhaal dat duurzaamheid, democratische betrokkenheid en circulaire vernieuwing geen losse doelen zijn, maar elkaar versterken. Wie bewoners de kans geeft om te verduurzamen, wie ruimte maakt voor hun ideeën en wie lokale initiatieven ondersteunt, bouwt uiteindelijk aan een stad die toekomstbestendig is – economisch, sociaal en ecologisch.
Doe zelf ook duurzaam tijdens de Week van de Circulaire Economie
Kort na de verkiezingen op 18 maart begint de Week van de Circulaire Economie. Groener Groningen staat dan in verschillende wijken met pop‑ups, gesprekken en praktische voorbeelden van circulaire keuzes. Deelnemers kunnen ontdekken dat ze vaak al circulairder leven dan ze denken, en dat kleine aanpassingen grote effecten kunnen hebben. Het is een ideaal moment om de stichting te ontmoeten en te ervaren hoe toegankelijk en inspirerend duurzaam leven kan zijn. Maar eerst treffen we elkaar bij het feest van de lokale democratie. Stem Volt!