Statenvergadering 2 februari: Programma Landelijk Gebied

Op 2 februari bespraken we in de Provinciale Staten het Programma Landelijk Gebied (PLG) en de voedselvisie. Het idee achter die stukken is dat de provincie keuzes maakt. Zo kunnen we het landelijk gebied voorbereiden op de toekomst. Helaas zijn er weer geen keuzes gemaakt. Het lukt de coalitie en de gedeputeerden maar niet om het eens te worden. We lopen al achter de feiten aan en dat zal voorlopig niet veranderen. We zijn daar heel kritisch over, want hier geldt: stilstand is achteruitgang.

28 feb. 2026

Het PLG zou richting moeten geven aan hoe de provincie  tot 2040 omgaat met de grote uitdagingen van het landelijk gebied. Het gaat onder andere over natuur, water, klimaat, landbouw en landschap. Maar in plaats van een samenhangend stuk, waarin moeilijke keuzes worden gemaakt, is het PLG een totaal visieloos verhaal geworden. Van de zeven doelstellingen die in het PLG staan, wordt alleen het Natuur Netwerk Nederland (NNN) als prioriteit aangemerkt. Wij hebben ons vaak ingezet voor het NNN, dus we zijn daar niet op tegen. Het was alleen niet de bedoeling dat de provincie de andere verantwoordelijkheden gewoon zou laten liggen. Want voor onder andere de waterkwaliteit, de broeikasgassen, Veenweidegebieden en de overgangszones ontbreekt de urgentie en daarmee ook iedere vorm van actie.

Wij zijn dus helemaal niet blij met dit stuk. Daarom hebben wij samen met de Partij voor de Dieren en D66 een motie ingediend over de Kaderrichtlijn Water (KRW). In de EU hebben we afspraken gemaakt over de staat van het water binnen de Unie. Vanaf 2027 moeten we aan die afspraken voldoen. Op dit moment voldoet geen enkel oppervlaktewater in heel Nederland aan de regels (Nederlandse waterkwaliteit blijft ondermaats, terwijl EU-deadline nadert). Dat is hartstikke ongezond voor mens en natuur. Deze regels zijn er niet voor niks. Bovendien dreigt de slechte waterkwaliteit het nieuwe ‘stikstofslot’ te worden. Onze provincie doet eigenlijk niets om de doelen te halen, maar in de provincie Utrecht hebben ze een ‘alles-op-alles’ strategie uitgezet. Daarom vroegen we onze gedeputeerden in onze motie om van Utrecht te leren. Helaas haalde deze motie geen meerderheid.

En ook over de voedselvisie zijn wij zeer ontevreden. Dit had een duidelijke en samenhangende visie moeten zijn op de gehele voedselketen, met ruimte voor innovatie en de toekomst. In plaats daarvan bestaat het stuk uit losse maatregelen zonder enige richting. Belangrijke thema’s zoals de eiwittransitie en innovatie zijn verdwenen. Daarmee zegt dit document volgens ons niets meer. Het liefst zien wij iets met de ambitie uit de voedselvisie van Anna Strolenberg (Volts Europese voedselvisie – Volt Nederland), maar we kiezen niet alleen. Dat het niet precies is wat wij graag willen, begrijpen we nog wel. Maar dat er helemaal geen keuzes in staan en dat er helemaal geen visie is, stelt enorm teleur en is slecht voor Noord-Holland.

Een PLG met duidelijke keuzes en een samenhangende voedselvisie hadden een stap kunnen zijn naar een toekomstbestendig landelijk gebied. In plaats daarvan zet dit PLG die toekomst in de ijskast. Volt blijft zich inzetten voor duidelijke keuzes, een gezonde leefomgeving en een eerlijk perspectief voor natuur, boeren en inwoners.